April bracht me weer naar de gebieden van WWI, de groene CWGC borden, de monumenten en de rust op veel van deze plaatsen, kortom naar een van mijn passies. Na de kronieken nummer 10, 32, 33, 36 & 37, hier een volgende tour in Noord-Frankrijk. We begonnen via Etaples (zie ‘t Periodiekske van 26.01.10 met tekst nummer 37). Toen was het bezoek in de herfst en nu wou ik de vooruitgang, bewerkstelligd door de zes tuinmannen van de CWGC, zien. Ons oog viel ook op een ongewoon opschrift bij ene Sgt. R. Taylor, die als eenheid was aangeduid “2nd Lovat Scouts”, Baden Powell? Nee hoor. Bij opzoekwerk vonden we dat dit een Schotse eenheid was, door Lord Lovat rond 1900 opgericht en later helemaal opgegaan in de Highland regimenten. Trouwens in WWII tijdens de D-day periode was het een nazaat van Lord Lovat die de succesvolle inname van Pegasus bridge voor zijn rekening nam.

We trokken richting Picardie om het gebied naast Amiens te verkennen. Deze oorlogsgebieden waren vooral belangrijk in 1918. Vooral de Australiërs en Nieuw-Zeelanders vochten hier.

Het Australian Imperial Force (A. I. F.) vormde samen met de buren uit Nieuw-Zeeland Het “Austalian and New Zealand Army Corps”, afgekort tot ANZAC. 25 april is ANZAC dag! Op die dag in 1918 werd de Duitse opmars naar Amiens finaal gestopt met de inname van het strategische dorp Villers Bretonneux. Rond deze plaats zijn er elk jaar op 25 april veel evenementen en komen er veel Australiërs. Dit jaar was er wel een probleem daar veel Australiërs er gewoon niet geraakten dankzij onze IJslandse vuurspuwer.

Van alle dominions van Groot-Brittannië hebben de Australiërs aan slachtoffers de zwaarste tol betaald.

We hadden onze pleisterplaats in Blangy Tronville, een klein dorpje op enkele km van Amiens. Hier vonden we op Blagny Communal cemetery 41 graven van het CWGC, een schril contrast tussen het perfect onderhouden grasperk en het bijna naar gewoonte bouwvallige, Franse burgergedeelte.

We volgen de N 1029 en voor we Villers Bretonneux binnenrijden, komen we bij Adelaide CWGC. Hier vinden we tussen de meer dan 900 graven veel Australiërs en een ongewone zerk op een graf waar men op 2 november 1993 een onbekende soldaat opgroef en overbracht naar het Australian War Memorial in Canberra. Je ziet ook dat de kerkhoven veel bezocht worden door Australische scholen. Op Adelaide waren ongeveer 25 graven voorzien van een geplastificeerd papier met een tekst in het Frans en het Engels over de desbetreffende gesneuvelde. Alles was door leerlingen van een lyceum uit Buderim, Australië gedateerd op 10 april 2010. Echt mooi opzoekwerk.

In Villers nemen we de D23 en komen bij het Australian National monument. Dit imposante monument in witte steen bestaat uit een centrale toren die een verbinding maakt via twee muren naar 2 hoekpaviljoenen. De architect is de bekende Edwin Luytens. Op de muren de namen van bijna 11.000 Australiërs (uit de Somme regio) zonder gekend graf.

Je kan de toren beklimmen (131 trappen) en boven heb je een prachtig uitzicht over de Somme en haar zijloopjes. Het monument was het laatste grote memoriaal, gemaakt door het Britse Imperium in West-Europa. Het werd door Koning George VI ingehuldigd in 1938. In de tweede wereldoorlog werd het zwaar beschadigd door de Duitsers en de toren vertoont nog heel wat schadegaten. Het aangrenzende CWGC heeft ongeveer 2.000 zerken. In het oog springt het graf van Jean Brillant (Luitenant en VC drager, als Frans Canadees zijn alle opschriften bij hem in het Frans). In Quebec is er een hospitaal naar hem genoemd. Ook is er een tweede luitenant van een tankregiment, genaamd C. J. Frankenstein (What is in a name?).

Niet ver hiervandaan, in het gehucht Le Hamel, vind je een ander monument. Ook Australisch, maar veel jonger van constructie. Het Australian Memorial Park werd geopend in 1998 en is geplaatst op een der heuvels vanwaar de Australische generaal Monash een succesvolle aanval tegen de Duitsers startte met een combinatie van tanks, artillerie en infanterie. Een tot dan nog niet geziene combine, maar wel enorm efficiënt. Je vindt er een panorama, enkele oude loopgraven, verschillende uitlegborden en een publiek toilet. Dit park is niet in handen van het CWGC, maar gemaakt door de Australische regering.

DSC_0009DSC_0006

In het dorpje Bonnay is er een CWGC extension met 106 graven, waarvan 2/3 Australiërs, op het dorpskerkhof.

In Bonnay is er in de Rue du Petit Marais een klein, maar heerlijk restaurant: Le Val D‘Ancre. Een middagmenu voor 15 euro (voorgerecht + hoofdschotel + karaf wijn), excellente bediening en lekker eten (we gingen er ’s anderendaags nog eens naartoe).

Even buiten Bonnay was er nog Ribemont Communal extension met 498 graven, vier er van zijn “shot at dawn” executies voor desertie en moord. Het is niet weergegeven, noch op de grafsteen, noch in het register (we kregen de info van de “locals” zelf).